Basisvormen: gesloten spiralen

De tweede stap: gesloten spiralen. Ook nu geldt: de grootte van de filigraanfiguur wordt bepaald door de lengte van de gebruikte filigraanstroken.
Hoe langer de strook, hoe groter de figuur.

Rol een strook op en lijm het uiteinde vast:
- Als de vorm nog strak is opgerold
10.jpg
10. Bes
Rol een strook strak op en lijm hem meteen vast. Probeer het middelpunt zo klein mogelijk te maken.

- Als de vorm is losgelaten, in de hand of met behulp van een mallenbord
11.jpg
11. Spiraal
Rol een strook op en laat hem los, lijm het uiteinde vast.
Om de spiralen allemaal even groot te krijgen is het gebruik van een mallenbord aan te raden.

Alle verdere grondvormen worden gemaakt met als basis van de gesloten spiraal.
12.jpg
12. Druppel
Neem een spiraal en knijp aan één kant een punt.

13.jpg
13. Vlam
Maak een druppel (no. 12) en buig de punt wat om.

14.jpg
14. Ovaal
Maak een spiraal en druk deze op de tegenoverelkaar liggende punten wat plat, maar niet puntig.

15.jpg
15. Lancetvorm
Maak een ovaal (no. 14) en knijp de punten extra aan.

16.jpg
16. Bladvorm
Maak een lancetvorm (no. 15) en buig de punten in tegenovergestelde richting.

17.jpg
17. Bloemhard
Maak een deukje in één zijde van een ovaal of buig hem om een nagel heen.

18.jpg
18. Halve maan
Druk de spiraal een beetje plat en trek dan beide punten naar één kant.

Natuurlijk zijn er nog veel meer vormen mogelijk. Oefening baart kunst. Veel succes!

Verder naar Huskings